IHBV | Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen

Recensie “Kracht en kwetsbaarheid – over het leven van hoogbegaafde volwassenen” door Noks Nauta

We plaatsen eerder al een recensie door Janet van Horssen van dit boek. Ook Noks Nauta schreef een recensie over Kracht en Kwetsbaarheid van Maud van Thiel en Imanda Slief-Boom.

Over onze recensies

Titel: Kracht en Kwetsbaarheid – over het leven van hoogbegaafde volwassenen
Auteurs: Maud van Thiel en Imanda Slief-Boom
ISBN: 9789090323848
Uitgeverij: Oya productions

Over het boek

In dit boek hebben de auteurs verhalen van 76 hoogbegaafden verwerkt. De auteurs, psychotherapeut en psycholoog, hebben deze verhalen geanalyseerd en samengevat. De 76 mensen waren deelnemers aan groepssessies in de praktijk van de auteurs.

Na een inleiding over de groepsbijeenkomsten en de wijze van verzamelen van de verhalen, komt er een theoretische stuk over hoogbegaafdheid. In hoofdstuk 2 komt het Delphimodel Hoogbegaafdheid uitgebreid aan de orde. In hoofdstuk 3 Beeldvorming en vooroordelen. Daarna volgen diverse hoofdstukken waarin allerlei levensfasen en levensdomeinen van hoogbegaafden aan de orde komen en waarin veel informatie uit de verhalen van de deelnemers is opgenomen. Hoofdstuk 12 heet Hulpverlening en diagnostiek, 13 Persoonlijkheid en 14 Werkzame behandelstrategieën.

Bespreking

De titel is treffend: hoogbegaafdheid betekent voor veel mensen kracht én kwetsbaarheid tegelijk. Het materiaal dat is verzameld geeft veel mogelijkheden om in de persoonlijke ervaringen van hoogbegaafde volwassenen te duiken. Hun verhalen doen ertoe. De levensdomeinen en thema’s die ze bespreken zijn allemaal van groot belang.

Het boek leest gemakkelijk, al is de toon hier en daar wat belerend naar mijn smaak.

Dit boek geeft enerzijds persoonlijke ervaringen van cliënten weer en biedt anderzijds ook belangrijke theoretische inzichten. Veel hoogbegaafden hebben hier behoefte aan. Voor veel hoogbegaafden zal het boek herkenning opleveren, inzicht in zichzelf en het gevoel: ‘ik ben dus niet gek, ik ben hoogbegaafd… ‘ En daarmee biedt het een prikkel tot zelfonderzoek en wellicht het vragen om hulp.

Het hoofdstuk over hulpverlening en diagnostiek legt pijnlijk bloot hoeveel er nog te doen is in de reguliere ggz aan kennis en ervaring op het gebied van hoogbegaafdheid. Hoogbegaafden haken daar af, zoals ook in het onderzoek van Emans (2017) is gebleken. Betrouwbare cijfers ontbreken helaas.

Kanttekeningen bij dit boek zijn al beschreven door Janet van Horssen (klik hier om haar recensie te lezen). Het boek suggereert een wetenschappelijk aanpak. Kwalitatief onderzoek naar hoogbegaafde volwassenen is belangrijk, zeker in deze fase van kennis verzamelen. Maar in het boek wordt de methode van kwalitatief onderzoek niet gehanteerd zoals in de wetenschappelijke wereld gebruikelijk is. De auteurs noemen het ‘practice based knowledge’. Ik zou het eerder journalistiek van aard noemen met inbedding in de kennis van de auteurs. Die journalistieke aard is op zich wel heel waardvol als het gaat om de persoonlijke verhalen en ervaringen.

Op veel plaatsen in het boek is het mij niet duidelijk of het kennis van de auteurs is of nieuwe kennis gebaseerd op de schrijfopdrachten. Daarmee vind ik het lastig te bezien wat er nu nieuwe kennis is en wat al bestaand.

Uitspraken van de auteurs die suggereren dat de ervaringen voor veel hoogbegaafden zouden gelden, zijn niet terecht. Het gaat bij hun onderzoeksgroep immers om mensen die psychotherapeutische hulp zochten, dat is beslist een selectie. Dat had iets sterker naar voren kunnen komen. In de conclusie van te boek komt dit naar mijn idee te beperkt aan bod.

Omdat ik zelf veel kennis heb verzameld over hoogbegaafden op het werk, vind ik dat hoofdstuk inhoudelijk wat tegenvallen. Bij het opstellen van de vragen voor de schrijfopdrachten aan de cliënten had ik wellicht wat andere accenten gelegd en dieper doorgevraagd. De drie minder aangename scenario’s die de auteurs zien van hoogbegaafden op het werk (bore-out, burn-out en conflicten) zijn wel erg kort beschreven en in de praktijk ook niet los van elkaar te zien. Ook hier vind ik ze teveel generaliseren over ‘hoogbegaafden’ terwijl het bij hun cliënten zeker om een selectie van hoogbegaafden gaat waar wellicht veel mensen bij zitten die uitgevallen zijn uit het werk. Dat geeft toch een flinke bias.

Is dit boek belangrijk voor hoogbegaafde volwassenen en voor hulpverleners?

Als je zoekt naar een boek om je als hoogbegaafde in te herkennen, dan is dit zeker een aanrader. De theoretische inleiding biedt daarbij zeker ook meerwaarde. De hierboven geschetste kanttekeningen zullen voor veel lezers geen bezwaar zijn.

Voor hulpverleners is dit boek, juist vanwege alle persoonlijke uitspraken ook heel waardevol. Hulpverleners die nog niet of niet veel weten van hoogbegaafdheid zullen met dit boek veel sneller hoogbegaafdheid kunnen herkennen bij hun cliënten. Misschien kunnen hoogbegaafden het boek dan ook aan hun hulpverleners aanraden.

Noks Nauta

Het boek is te bestellen via https://www.oya.nl/oya-productions/boek-bestellen/